Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

april. STAAT EN OORLOG. 1787, 309

nader bericht in onze Misfive van den ai derzelve Maand , aan U Edele Groot Mog. bedoeld, uiterlyk op Dingsdag den 10 April aan U Edele Groot Mog. zouden laten toekomen.

Geerne al wat maar eenigzins in ons» vermogen is, willende aanwenden om aan die gevenereerde ordres van U Edele Groot Mog. te obediëren, acquiteren wy ons daar van by dezen , hoe zeer wy anders wel reden gehad zouden hebben ons te beklagen dat de Gedeputeerden onzer Stad niet getragt hebben ons een ruimer termyn te doen veigunnen, daar wy uit hoofde van zekere omftandigheden, welke de attentie van U Edele Groot Mog. niet waardig zyn, doch aan da gemelde Heren niet onbekend waren, de Misfive vau den Heere Erfftadhouder den 7 December ter Vergadering van U tfdele Groot Mog. ingekomen , eerst in het laatst der maand Maart hebben in handen gekregen , welks inhoud wy betuigen dat aan ons voor dien tyd niec bekend is geweest.

Daar echter Zyne Hoogheid , zich by de evengem. Misfive refereert, niet enkel tot het bericht onzer Mede-Leden, van den 20 Maart 178Ó, maar ook tot de Stukken, concernerende de differenten over de Magiftraats-be« ftelling in de Steden Dordrecht, Schoonhoven, Alkmaar en Purmerende, welke U Ed. Groot Mog. weten dat zeer opereus, en echter nog niet volfchreven of tot dien ftaat gebragt zyn, dat daar op by U Edele Groot Mog. voor als nog gedelibereerd kan worden, vleien wy ons, dat, indien wy naderhand mogten bevinden, door den fpoed waar mede deze in gereedheid gebragt heeft moeten worden, iets wezenlyks geömitteerd of niet genoegzaam wederiegd te hebben , de billykheid van U Edele Groot Mog. ons zal V 3 ver-

Sluiten