Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

70 april. ZAAKEN VAN 1787,

derheid van hen , overgelaten bleeve te oordeelen, of *er reede zy tot het bejchryven des Krygsraads of niet: Immers de gantfche Stad zoude aan de woede van een opgeruid en onkundig Gemeen overgegeeven zyn, indien de Krygsraad niet, zonder concurrentie van de Meerderheid der Heeren Colonellen, mogt vergaderen tot het beramen en in het werk ftellen van efficatieufe middelen , ter voorkoming en iiuiting van Geweld en Oproer, en om de Stad by hare rust te bewaaren ! de Ondergeteekenden vertrouwen dat geen enkel rustbeminnend Inwooner zulk een Systhema zal, nochtekan toegedaan zyn; want dit zoude even zo veel wezen als ftaande te willen houden , dat Heeren Colonellen meesters zyn van de Stad, en meesters over de Zielen der Burgerye en Schutterye van dezelve , welke met aanroepinge van Gods Heilige Naam gezwooren hebben, omme met Raad en Daad de welvaard van deze goede Stede voor te ftaan, en, om deze goede Stede ty haare Rechten en Privilegiën te bewaren en te beJchermen.

Dit gefustineerde door opgemelde Heeren Colonellen , hoe gevaarlyk ook op zich zelve, is echter noch gevolgd geworden door eene demarche, welke van noch gevaarlyker uitzichten is; het inroepen namelyk van een Gerechtshof om zich te inmisceeren in de domeflicque beftelling van een Collegie welks onafhangelykhsid een van deszelfs edelfte Voorrechten uitmaakt, en welks handelingen alzo door hen Heeren Colonellen', zonder een directe inbreuk op deszelfs yrye Rechten te entameeren, aan gene vreemde decifie konden gecompromitteerd worden.

Dan, Edele Manhafte Heeren ! is die demarche van deze vier Heeren Colonellen voor U Wel Edels Manhafte Collegie, en voor het gantfche Ligchaam deezer Stads Burgerye, grievend en hoonende, zy js het te meer, om dat in de eerfte plaats, Heeren Colonellen dezelve gedaan hebben op den grondflag yan een Publicatie van den Stadhouder Willem den ïf," een Publicatie, welke geltatueerd is in een tyd-

■*" 5 wp>

Sluiten