Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

44<5 Historische Opheldering

of dezelven niet allen in de handen van David, ten tyde der overwinninge, gevallen zyn?

IV. Niemand kan bepaalen, tot hoe verre die Edomiten in Arabic woonden; en dus ook niet, hoe diep landwaards in; David zyne overwinningen hebbe uitgebreid, in die oud-tyds zoo goudryke (i) Geweften, waaruit de (m) Koninginne van Scheba opkomende , aan Salomo honderd en twintig talenten

gouds

(/) Dat dit Land reeds in ds allervroegfte tyden overvloed van Goud, Zilver, edele Gefteentens enz. moet gehad hebben , blykt klaar uit bet agt-en twintigfte kap. van het boek van Job, en uit vericheidene andere plaatzen van dien fchryver.

Cm) Eenigen willen, dat deeze Koninginne van Scht~ ia, uit Ethiopië, dat in Afrika ligt, zoude zyn afgekomen: maar de meeften zyn van gedachten, dat zy uit het zuidedelykfte gedeelte van het gelukkig Arabii kwam.

Deeze laatfte Helling is verre de aanneemelykfte, om dat dc gefchenken, die deeze Vorftin aan Salomo bragt, allen in grooten overvloed, in Arabië gevonden worden ; en daar en tegen, iu 't geheel niet. of ten minften zeer fchaars in Ethiopië zyn. Die dit gevoelen overtuigend wil verhandeld zien, leeze Bochart in zynen Phaleg, lib. n. C. 26., alwaar hy de ftelling van Jofephus, dat deeze Koninginne de Nicauüs van Egypte zoude geweest zyn, om. grondig wederlegt. Voor het overige wyze ik myne Leefers wederom naar den Heere Chais; Polus, Patrick en Wels ; en de Schryvers der Algemeene Hiftorie; waarin zy genoegzaame ftoffe, ter voldoeninge van hunnen weetlust zullen vinden.

Sluiten