Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

38 Het onderfcheidene Kenmerk van de

heden, jaa de duivelen zelfs, hebben aangebeden , en op eene godsdienftige wyze vereerd.

Dit is, uit de gedenkfchriften van dien tyd, genoeg bekend, en heeft geen verder bewys van nooden.

5- 37-

Maar het behaagde de Godheid niet, dat de geheele waereld alleen, door zyne vyanden, en haaters , of Afgodendienaars, bewoond zou worden; en hierom zonderde hy zich , uit alle andere volken, een byzonder volk af, om de kennis, en dienst, van den alleen waaren God, onder het zelve, te bewaaren.

Hier toe verkoos de Godheid Abraham, en zyn zaad; onder welk volk, de kennis, en dienst, van den alleen waaren God, wel eenen geruimen tyd, leevendig is gehouden; maar, waar van, het een, zoo wel, als het ander, in het vervolg, ook verhuisd is.

De gefchiedenisfen van het Joodfche volk zyn al te bekend, om 'er hier, in het breede, van te fpreeken.

Ik merke alleen , met een woord, aan, dat dit volk geduurig tot Afgoderie, ongeloof, murrnureering, en allerleie boosheden, verviel; en daarom eerst, en telkens, zeer hard gekastyd, maar naderhand gevangelyk weggevoerd wierd naar vreemde landen.

Dat het telkens gekastyd, en geftraft wierd, zoo lang 'er hoop van verbeeteringe aan was; maar dat het eindelyk, toen de kennis, en dienst, van den aöeen waaren God, onder het

zelve,

Sluiten