Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Christelyke Openbaaringe, enz. 39

zelve, geheel verlooren was, aan dejammerlykfte verwoeftingen wierd overgegeeven, waar van ooit gedenkfchriften gewaagden.

En dat alle deeze rampen duuren zullen, tot dat de tyden der Heidenen vervuld zullen zyn. Want, als dit gefchied is, dan zal het , om deiVaderen wil, nog beminde Israël zalig worden, gelyk Paulus, met vermeldinge van zeer opmerkelyke byzonderheden, ten allerduidelykilen, heeft aangeteekend, Rom. 11.

§• 38.

In allen deezen tyd nu was de geheele waereld, van de kennisfe, en dienst, des alleen waaren Gods, vervreemd. Alle volken lagen in eene fchandclyke afgoderie verzoopen, en hadden affchuuwelyke gedagten, van God, en zynen dienst.-

De beste Philofophen waren hier byna zoo blind, en onkundig, als de rest van de gemeente. Bragtenze iets voor den dag, dat naar redelyke befeffen zweemde; zy hadden het ontleend, uit Mofes, en de Propheeten, of geleerd, uit den omgang, met de Jooden. En dit was, zeer gemakkelyk, aantetoonen, indien myn bellek het toeliet.

Met een woord; God liet de Heidenen, geduurende een afloop van verfcheidene eeuwen, wandelen in hunne eigene wegen. Zy waren, in dien tyd, hoereerers, afgodendienaars, overfpeelers, ontuchtige, dieven, gierigaarts, dronkaarts, lasteraars, en roovers. Jaa zy waren, zonder God, en zonder hooC 4 pe,

Sluiten