Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Christelyke Openbaaringe, enz. 23$

ben konnen behouden worden; en, op dezek ■ ve wyze, gezaligd, als wy. Want gelykze weleer kennis konden krygen van den Mesfias ; zoo behoevenze daar van ook nog met onkundig te zyn, dan, door eigen fchuld.

§. 182.

Laate ik de zaak, alleen kortelyk, wat meer van naby, vertoonen.

Het is buiten kyf, dat de weg van zaligheid, niet alleen voor, maar ook naa, den Zundvloed , aen alle menfchen bekend was. Want de ontdekking van heil, en zaligheid, in de eerfte moederbelofte, reeds gedaan; was voor niemand verborgen. Het fpreekt derhalven van zeiven, dat de menfchen, zoo wel voor, als naa, den vloed, op dezelve wyze , hebben konnen zalig worden, als wy.

Dit is niet moejelyk te begrypen, en laat zich wel verftaan. Maar het is, in den eerften opflag, meer bedenkelyk! hoe het, met de heidenen, gegaan zy, zedert de afzonderinge van Abraham, en zyn vleesfchelykzaad, tot een volk van Gods eigendom. Want, van dien tyd af, wierden de heidenen vreemdelingen van de verbonden der belofte, en waren , zonder God, zonder Christus, jaa zonder'hoope, in de waereld.

Edoch, ook hier in fteekt zoo veel zwaangheid niet; als men zich doorgaans wel fchynt te verbeelden.

$. 183.

Sluiten