Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( "5 )

aan iemand der Heeren van de Cleregie heeft bewezen, en bygevolg, dat die gewaande berooving van het Regt van befiier, eene krytende onregtvaardigheid is van den kant van het Roomfche Hof, of van de Jefuiten, die ons valfchelyk by dat Hof hebben befchuldigt en verdacht gemaakt, vermids men niemand op enkele verdachtheid mag veröordeclen en van zyn regt berooven: de ore tuo te judico: uit uwe eigen mond oordeel ik u. {Luk. XIX. 22.) want dus moet Myn Hr., of hy wil of niet, het daar voor houden , dat de Roomfche Hovelingen onregtvaardige overweldigers zyn, en dat Myn Hr., en zyne medeZendelingen Scheurmakers zyn. Maar dewyl die o-ewaande agterdocht zelfs een loutere fchim is, door Myn Hr. zelf meermaalen over hoop geworpen door zyne zelfsftryd, gelyk wy gezien hebben, en dat zy ook ftryd tegen het Breve van den Doorl. Innocentius XII., zoo volgd nog, dat de onregtvaardigheid der Jefuiten, van de Roomfche Hovelingen, Internuntiuffen en Nuntiuffen, en van de Heeren Zendelingen, des te onregtvaardiger is, dewyl die onregtvaardigheden maar op eene fchim, en op eene bedrieglyke, voorwendige en gewaande agterdogt fteunt,

Verder is het middel, om ons van die gewaande verdagtheid te zuiveren, zelf onregtvaardig, zoo lang als men de ondertekening van het Formulier afvergt zonder onderfcheiding van regt en feit, vermids daar toe een Eed verëifcht word, welken men zonder bedrog of vermetelheid niet doen kan, gelyk wy wiskunftig in ons I. Hoofdftuk uit de gronden van den grooten Biffchop Bossuet bewezen

heb-

Sluiten