Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C i85 )

Paus de waarheid geweten had, wegens de daad van Janfenius.

Na zoo mooie inleidinge komt hy tot den Eed, dog nog maar in het algemeen. Op tweederlei wyze, zegt hy, kan men eenen Eed doen; (*)... of ziende op de zaak zelve , of op ons gevoelen. Ja, op die tweederlei wyze kan een Eed gedaan worden; maar hier (in het Formulier) is het zoo niet. De zaak_ zelve is daar in den Eed van het Formulier, geimpliceert met het gevoelen van den genen die den Eed doet. De zaak zelve is, dat Janfenius die Stellingen zou gefchreven hebben, en in dezelfde eenen kwaden zin zou heöogd hebben: (het zyn die twee zaaken welke men anders' noemt, de daad, of het feit van Janfenius) en ons gevoelen is., dat die Stellingen doemenswaardig zyn. Dog in het Formulier bezweerd men en de daad en ons gevoelen te gelyk, vermits beide die zaaken in den Eed begrepen zyn, want zoo luid het Formulier:

„ Ik ondergefchreven N. N. onderwerpe „ my aan de Apoftolifche Confbitutien der

Roomfche Paufen, Innocentius X. gedag„ tekend den 31. Mei 1653., en aan die van , Alexander VII-, gedagtekend den 16. O&o' ber 1656 en de F- Stellingen getrokken uit het " Boek van Cornelius Janfenius, genaamd Au" gustinus, verwerpe en verdoeme ik in den " zelfden zin, dien de Auteur beoogd heeft, ge" lyk de Apoftolifche Stoel door de gemelde " conftitutien die veroordeeld heeft: zoozwee-

„ re

(*) Anderen zullen mogeiyk zeggen: op drie of vitrderlei, of nog meer wyzen.

M 5

Sluiten