Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 279 )

kwaaden zin kunnen hebben, (hoe wankelbaar fpreekt hy !) zoo zal hy. het hem met geweld van redenen, en met overtuiging af moeten dwingen: hy dwinge het dan eerft zig zeiven af.

Dan komt hy met de gewaande verdagtheid van den Vader Quenel aan, daar wy reeds genoeg van gefproken hebben. Hy kan nu zien, als hy niet vrywillig blind is, wie voor verdagt te houden was, den Vader Quenel of de fejuiten. Dan volgen die tien Stellingen, waarvan wy reeds gefproken, en 'ereenigen van vertoond hebben. Zyne opwerpzels en vragen bjadz. 128. 129. hebben wy in de< eerfte §. over de Bulle 'beantwoord. Wy gaan dan over tot zynen tweeden Brief over de Bulle. _

II. Bladz. iqa. en 133- laat hy zyn Mannetje een deel opwerpingen doen, welken hy dan op zyne wyze, dat is, flegter dan eenige van zyne voorgangers, beantwoord. De eerfte opwerping is, gy kunt het nog niet, (zegt gy) van U zelfs ver krygen, om my toe te Jlemmen, dat die Bulle van de Kerke aangenomen is. Deze aanneminge wilt hy dan bewyzen: waardoor* is het met duidelyk te toonen dat alle Biflchoppen die Bulle opentlyk hebben aangenomen? dat zy allegader in den zin der Bulle overeenkomen ! in confanguinitate Doclrince , zoo als Tertuliaan fpreekt QJ.br, de Frcefcript. C. 32.?) niets minder dan dat, maar met arme redentjes. Hoe? vraagd hy, na ruim een halve eeuw zal men nog twifien, of eene Uitfpraak over een Bock , en eenige Stellingen van de Biffchoppen aangenomen word of niet? Wat kragtig bewys! Ja, Myn Hr., veinft maar uwe verwondennge, na een halve eeuw zal men nog twifien of zulke eene Uitfpraak over een Boek, en over eenige Stellingen, Jr S 4 van

Sluiten