Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AANHANGZEL.

455

hunne klagten komen doen by de Paufen: dar. zy daar eene verklaaring geven van de leere welke zy belyden ; dat zy om eene befliffende Uitlpraakverzoeken, en ombefchermingfmeeken tegen de verdrukking en tegen de belaftering. Hier uit moet ik dan befluiten , dat deze luiden de Janfeniftifche Kettery niet zyn toegedaan , dewyl zy voor Janfeniften niet willen gehouden worden. Ik zie verders dat dePaufen de vertoogen en de klagten der onderdrukten goedgunflig ontvangen , en dat zy hunne leere zuiver en Catholyk verkiaaren; d'at zy Breves en Decreten uitgeven tot aanpryzing dezer leere; dat zy deszelfs verdeedigers aanmoedigen om de lafteringen hunner tegenftryders te veragten; dat zy den vloek uitfpreken tegen de infaame lafter aars der Janfeniften; dat zy met Wraakingen dreigen alle de genen die zulke onregtvaardige befchuldigingcn wederom zullen durven hernieuwen. Ik lees Breves der Paufen vol lofuitingen, trooft en aanmoediging , gefchreven aan de voorgewende pligtigen. Hier uit trek ik dan wederom dit befluit: het blykt dan dat deze Godsgeleerden voor geen ketterfche Janfeniften willen te boek liaan, en dat zy het ook inderdaad niet zyn.

Dog dit niet tegenftaande, hebben egter de Moliniften geduurig hunne befchuldigingen hernieuwt en doen herleven tegen dezelve Godsgeleerden. Men moet maar zyne oogen flaan op hunne Boeken; daar zult gy de naamen vinden van de voornaamfte Auguftiniaanen en Thomiften van deze laatfte tyden, welke zy ook als Janfeniften hebben uitgefcholden. Om hier van honderde anderen niet te fpreken, Ff 4

Sluiten