Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

42 PROEVE O V E R ïi K

tien; Daar deze elkander als 't waare zouden compenferen, dat is opwegen, of fchadeloos Hellen. Tcrwyl liy, zoo 't my voorkomt, niet zoude nalaten, op zyn meerder verkregen vooruitzicht, van een gunftig cf cngunftig Toekomende, maatregelen te vestigen, die tot algemeen en by zonder nut zouden vertrekken; Omdat, zoo als hier voren reeds opzethk is getoond, de uitbreiding van kundigheden, aan allen re elyke Wezens, altoos vermeerdering van middelen, ook zelfs daar krachten ontbreken, aan de hand geeft, en nimmer nalatten kan, wat men hier ook tegen inbrenge, den ftand van zoodanig een Wezen, uit den aart der Zi.ake, volkomener te maken.

§ 39-

Ik durve my zelfs alhier een Hap verder wagen, dan rrrynen Thefis, en zeggen, dat al waren alle Menfchen van hun Lot meer of min (omftandig en in zamenhaug) te voren onderricht, het als dan nog niet gemaklyk te bewyzen fchynt, dat daar uit merkelyke verwarring, over het algemeen, zoude voortvlocijcnj Terwyl 'er voor de mogelykheid van het tegendeel, grond genoeg kan te berde gebragt worden. Want, men behoeve Hechts te voorondertcllcn, dat 'er dan ook teffcns,blyvende zelfs den Mensch, voor 't overige, in alle zyne tegenwoordige hoedanigheden, eene andere zedelyke Wending in onze hartstochten, daaden, handelingen en voornemens zouden voortkomen, die immers maarzoodanig, tot die meerdere kennis, welke wy in 't geval

van

Sluiten