Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

52 PROEVE OVER DE

ve. De zedclyke handelingen zouden, 't is waar, erl zoo als wy reeds vooronderftelden, eene andere wyziging, eene andere gedaante verkrygcn: Maar, myns bedunkens, zou deze uitbreiding in kennis, over het algemeen, nimmer doen, wat thans de woeling en onrust, door de onzekerheid en blindheid, aangaande het Toekomende, gewoon is te veroorzaaken. Het Menschdom zou zyn gebreken hebben, en blyven behouden, maar het zouden anders gewyzigde gebreken zyn, geëvenredigt na de orden der dingen, die als dan zouden plaats hebben, en niet gevaarlyker of verfchrikkelyker, dan de tegenwoordige; om dat de Natuur altoos, een Behoedflor van zich zelve is bevonden te wezen.

§ 49-

Dan, gelyk ik gezegt hebbe, wy zyn hier buiten onzen Thefis getreden, die alleen de nuttigheid poogt te verdedigen, van eene flukswyze Voorwetenfchap, als de eenige die wy voor het Menschdom verkrygbaar rekenen: Tcrwyl de Redekaveling van Geilen in de laatstaangehaalde plaats, alleen fchynd ingericht, tegen het volledig inzicht in het verband van alle onze lotgevallen. Het is wel waar, dat het Eerde Gedeelte van •sMans Verhandeling, opzettelyk tegen de ffukswyze Voorwetenfchap is ingericht; Maar de gronden die hy daar tegen aanvoert, fchyncn alleen de nieuwsgierigheid te betreffen; Immers mede ontleend te zyn, uit het zedelyk verkeer: 't Welk echter niet noodzaaklyk volgt, wanneer zich de Mensch, naar het licht der rede, in

het

Sluiten