Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

STERREN-VOORZEGKUNDE.

§ 67.

Men mag van agrereti, en om dit zoo oogeufchynlyk ingefchapen verlangen, tot Voorwetenfchap, te dillen en tefusfen, allerleije gronden opfpeuren, om ons over dit gemis te getroosten, cn geluk te wenfehen, mids deze gronden, myns bedunkens, maar wat Wysgceriger zamenhangen dan zy gewoonlyk doen, en zoo veel Vernuft als Geest medebragten. Maar welk een Veld doet zich hier niet op voor eenen Redenaar of Dichter! Hy fchildere Hechts met eigenaartige kleuren, een onderzoekend Mensch, die zich zelvebefchouwt, als de zorg en verantwoordelykheid, over zich en zynebclangens en betrekkingen, gedurende geheel den tyd zyner aanwezigheid op Aarde, aanbevolen, en teffens niet anders voor zich hebbende, dan een raadzelachtig wisfclvallig en ftikdonker Toekomende. Als ik my zulk een voorwerp verbeelde, zeg ik in my zelve: Voorzeker, zoodanig een zal van zelve geperst worden, om alle fchuilhoeken der Wetenfchappen te doorfnuffelen, of hy ergens middelen opfpeuren konde, om iets van het toekomftige te weten. Hy zal misfehien niets vinden: Maar niemand zal my gemaklyk kunnen opdringen, dat hy iets zoekt, 't welk niet te vinden zoude zyn.

S 68.

Dan, waartoe verbeeldingskracht ingeroepen, als de rede, als de ondervinding fpreekt, en ieder een toefchreeuwt: Daar is onder het Menschdom eene dringende behoefte £ 4 aue

Sluiten