Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

langt , om zijn befluit ten uitvoer te brengen, en zich bevreesd maakt, dat de Dienaars der Juffitiehem, wegens zijn b^gaanen diefftal, zouden komen haaien, voor dat hij zijn voornemen, om zijne Kinderen, van de fchande, die daardoor op hen zou komen, te bevrijden, volbracht hadt C*)-

Zoo gevoelde, zoo dacht, en zoo handelde deze ongelukkige, op wien bijzonder deze waarheid kan toegepast worden, dat de mensch altijd handelt naa zijne berekening, maar zelden naa eene juiste, — dat zijn voortvaarend, en onopgeklaard oordeel hem geleidt, in zijne handelingen, en hij zelve de ingebeelde uitkomst volgt, die hij het gemaklijkst, en het fchielijkst, voorziet, of doorziet (f).

Wij vertrouwen, dat wij uit dit een en ander volkomen zullen zien, dat men, in dit geval, niet denken kan aan dien eerften, of minderen graad van melancholie, welken Boéhmer (§), niet voldoende oordeelt, om iemand van alle ftraf vrij te fpreken, maar wel aan den zwaarften en hooglten graad van melancholie, welke met recht eene zoort van razernij, of dolheid wordt genoemd.

(*) Zie Bijlag, fub Lit. A. pag. 13. (f) Zie den brief van den geleerden Hieuwhojf aan wijlen J. P. Mtchell, pag. 168. CD Ad Carpzov, Quaft. Pr. Crim. P.i-Q^ iS.Obf.7.

Sluiten