Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

• -75

leerden is, dat in de misdaad van Kindermoord da voorönderftelling.of het vermoeden van kwaad opzet, niet in aanmerking komt (*), maar wel het vermoeden , dat deze misdaaden, door toeval, en niet met opzet begaan en uitgevoerd worden. Zoo is, in dezen ongelukkigen dit vermoeden vooral zeer fterk, omdat hij geenzints een los, wild en woest man, maar een ordentlijk, en ftil mensch fchijnt geweest te zijn, in wien geen kwaad, veel min een zoo verregaand opzet, althans niet tegen eigen Kinderen, die hij zo lief hadt, konde worden verönderfteld.

Eindelijk, er is hier geene omftandigheid * welke in het minst wegens het kwaad opzet zou doen blijken, want wilde men dit bewijzen, uit de doodlijke wond, welke hij zijne Kinderen toebracht , zoo zou men te veel, en dus niets bewijzen , omdat dan alle volftrekt krankzinnigen, iemand eene doodlijke wond hebbende toegebracht, van kwaad opzet overtuigd zouden zijn, en gevolglijk met de dood moeten geftrafd worden, hetwelk de ongerijmdfte wreedheid zelve zou.1 de zijn.

In het algemeen, is het derhal ven eene waarheid, dat alfkens, als meer uit eene andere

re-

(*) Zie Matthaus de Vrm. Lit. e$. \ih Ö. e. 6.

Sluiten