Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8o ;

derwezen worden, om welke redenen zij bij kinderen worden vergeleken. (*) In den derden graad zijn zij, die ontbloot zijn van alle reden, en alleen van razenden verfchillen, omdat zij in hunne zinneloosheid ftil zijn. (f)

De rechtsgeleerden maaken nu, aangaande deze bijzondere graaden van dementie., wanneer er misdaaden zijn begaan, de volgende bepaalingen. Dat zij, die in den eerften graad zijn gefield, 'niet geheel ftrafloos zijn, maar echter van de ordinaire ftraf moeten verfchoond worden (§). Dat de geenen, welke in den tweeden vallen, naa maate van de daad op eene buitengewoone wijze moeten geftraft wor. den („,); maar dat in den derden graad, alle ftraf moet ophouden (j).

De misdaaden derhalven door zïnneloozen van dit laatfte zoort begaan, worden door de rechtsgeleerden voor wanbedrijven, bij toeval gepleegd, gehouden; en onder dat zoort van dementie behoort de morbus melancholicus, of melancholie.

De

(*) Zie Zacclias l. cit. Qucest. 7. n. 301

(t) Zie Zacchias loc. cit.

(§) Zie Carpzov. loc. cit. n. 61.

GJ Zie Strijck. de dem. et melanch. Cap. 3. % %.

CO Zie Mattheus ae Crim. Prol. Lap, 2. n. g.

Sluiten