Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OOSTINDIËN. 17J

men verzekerd echter» dat hij niet fchuldig was, en dat weinig menfehen in zijne plaats zoo lang de buitenfpoorige geweldenarijen van Jan Harre geduld zouden hebben. Ik wil het gaarne gelooven; maar zijn gedrag zal fteeds berisplijk voorkomen aan hun, die niet denken dat men regelen voor kan fchrijven, en wetten kan geeven op een' vreemden grond.

Hoe dit ook zij , het vertrek van La Bigorne bragt Jan Harre weder op Foulepointe; men ontfing hem daar veel beter dan hij immer had kunne hoopen, en de koophandel hernam fpoedig zijne oude werkzaamheid. Deeze onmaatige vreugde was van geen duur. De toorts der tweedracht was niet uitgebluscht, de haat en de verdeeldheden gaven die voedfel: eindlijk, na eene langduurige aaneenfchakeling van oorlogen wierd het eiland Madagascar van dien geduchten en woelzieken vijand verlost, die noch met zijne bondgenooten, noch met zijne onderdaanen in vrede kon leeven. Jan Harre wierd in 1767 door de Manivoulois gedood ; en zijne nagelaatene goederen en bezittingen ftrekten meestendeels om zijn vijanden te verrijken, en hunne magt te vergrooten.

Zijn Zoon Tavi was flegts van een kleen gedeelte der bezittingen zijns vaders erfgenaam : hij was te jong om zich niet te vrede te houden met het geen men de goedheid had hem te geeven. Wij zullen van de regeering van Tayi niet

fpre*

Sluiten