Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 68 )

Hier by komt noch, dat alle verkeerde daden van den Vorst , altyd den lieveling ten laste gelegd worden, terwyl al het goede 't welk dees laastgemelde doet of waar van hy de beweegoorzaak is , eenig en alleen aan den Vorst toegefchreven worden.

Tacitus redeneerde des niet verkeerd, wanneer hy zeide , dat een groot fortuin ook met groote gevaren verzeld is. Magncs fortuna , magna pericula. Wanneer men onder ontelbaaie andere voorbeelden let, op het treureynde van eenen Haman, op den dood van Clitus, op het nootlot des Grave van Esfex en het moordtoneel van den Maarfchalk dAncre , meet ieder lieveling van een Vorst zidderen en beeven , en waarlyk in eenen meerderen graad bedagt zyn, naar maate de Vorst willekeuriger of bepaalder heerscht.

De Wysgeer AU'x-ander 5 by Marcus Crasfus als zyn oogappel bemind en geliefdkoosd, en die hy in den Raad aanmerk e als zyn broeder, in den omgang als zyn vriend, en in verftand als zyn meefter, befloot na agtien jaren zyn meefter als een hoveling, nogthans trouw en eeriyk gediend te hebben , het Hof te verlaaten, 't geen hem een walg geworden was. Hy nam affcheid, «n reeds in de eenzaamheid gekomen zynde,

Sluiten