Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 135 )

deeze fpreekwijzen oneigenlijk moeten opgevat Worden > toonen ze nogthans, hoe alle goed iü God, en in Zijnen dienst alleen te vinden zij, eh dat elk, die deezen Weg inflaat, daar inverzadiging zal genieten.

§. 5. Godlijke voortrejlijkbeid, uit dit alles aangedrongen.

Welk eene Godlijke voortreflijkheid vertoont zich nn in dit alles 1 Niemand kan u in de gantfche waereld eenig boek toonen, of eenige andere weetenfchap, welker oogmerk is, u tot God te brengen; u God als het hoogfte goed te leeren kennen, en u met alle alle moeitej met alle beweegredenen tot God, en zijnen dienst i over te haaien.

Die menfchlijke boeken zelve, welke hief uit getrokken en hier óp gegrond zijn, toonen u, hoe de Schrijvers toch hunne eigene eere, en die van hunne medelanders onmaatig behartigen ; zij leeverenblijken van partijfchap, vleierij, eigenbaat, met één woord, van aardschgezindheid: gij kunt hier weder de proef van neemen door eens eenig boek van deeze foort, *t welk men u aanprijst, bedaard te leezen: maar in de boeken des Ouden en Nieuwen Verbonds, is God het alles.

De onaangenaamfte waarheid wordt hier niet Verzweegen, de gunst der grooten Wordt opgeofferd ( n ), der fchrijveren en hunner metgezellen grove misdaaden Worden niet bedekt, als Gods eere daar bij lijden konde (0): waar van dit alles, indien het niet Waar is, het geen zij

fn) 2Sam.XU. i—14, cap. XXIV. 12,1 Kori. XVII. r, cap. XXI. 20, 21, 2 Kon. XX. 14 —1$ Mattb. XXIII. 14, 15» 23, 25, 27, 29.

(•) Matth. XXVI. 69—75, Lm. XXIV. 25, « K- 2

Sluiten