Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 25ö )

voor mijn aangezicht en zijt oprecht (*). En welke het Euangelie aan deszelfs belijders aanprijst, onder de volgende uitdrukkingen: Die tot God komt, moet gelooven dat hij is, een belooner der genen die Hem zoeken (*). God is een geest, en die Htm aanbidden moeten Hem aanbidden in geest en in waarheid (f). Hij zoekt dezulken, die Hem alzo aanbidden; zo tot God te komen, Hem alzo aan te bidden, en in die gelfeldheid van geest voor zijn aangezigt te wandelen, — zie daar de verkeering met de Godheid, tot welke haare vrinden geroepen en bekwaam gemaakt zijn; door welke zij deze edele vrindfchap (leeds onder-, houden en verlevendigen; en in welke zij van tijd tot tijd volmaakter en gelukkiger worden. Laat ons dit verheven CharaSter, door het welk de mensch zich in zijnen oorfprongeiijken ftaat vertoont, wat duidelijker en uitvoeriger lchetfen: Het is een fchilderij, welke noodzakelijk behagen moet aan allen, wier zedelüke fmaak niet geheel bedorven is.

De gelukkige mensch, die, door den invloed der rede en van denGodsdienst, gebragt is tot zulk eene levendige kennis der oneindige volmaaktheden van het Goddelijk Opperwezen, dat hij door dezelve geheel vervuld is met eerbied en verwondering, met hoogachting en liefde, voor het zelve; en alzo eene welberadene keuze gedaan heeft, cm zich oprechtelijlc aan den dienst en de gemeenfehap van zijiien hemelfchen Vader te verbinden, —- die gelukkige mensch heeft ook zich zeiven leeren kennen; alle de

f*) Gen. XVII vs. i, Q) Hebr. XI vs. 6. (S) Joan. IV \s. 24.

Sluiten