Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 353 )

Wel , zijn dan jonge kinderen van menfchen sn leerzaamheid minder, dan jonge kinderen van redenlooze dieren ?

Het tegendeel is waar; ik heb altijd gezien, dat kinderen, om de twee jaaren oud, dooreen wijze, ernltiee houding, of des noods ook door eene bellraffiug, reeds konden geregeerd worden.

Beproeft dat aan den uwen; misfchien kan het bij veele kinderen, zelfs al vroeger gefchieden, en gij zult met verwondering zien, dat kinderen van redenlijke menfchen, ook dan reeds, veel boven het redenlooze vee voor uit hebben.

En dat ik u vooral raade , in die eerfte kindsheid, is dit: gewent hen, dat gij, zonder dat zij kwaad worden, hun iet ontneemt of weigert, dat zij gaarne hebben, en zich iets laten welgevallen, daar zij tegenzin in toonen; dit zult gij door een vrindelijk, en helpt dat niet, door een ernftig woord, zeer gemakkelijk veroorzaaken ; langs dien weg, zult gij den eigenzin der kinderen al vroeg leeren beftuuren, en hoe veel zal dat zijn voor eene goede opvoeding!

Als 'gij dat nu bekleedt met redenen, het geen gij al ten eerden zult kunnen doen, wanneer zij met eenig oordeel zommige woorden bij édn weeten te praaien, dan zult gij hen van de vtoeglte jeugd af, gewennen aan bet redenlijke, dat ik u in den tweeden grondregel heb aangeprezen.

§. 6.

Alle menfchen zijn geene Profeffors ln hunne zaak, niet waar ? en vooral kinderen niet, A a

Sluiten