Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 359 )

niet gemeend hebbe, of, kind! als gij groot

wordt, en gij doet zulke of diergelijke dingen, dan zal u de Overheid laaten llraiTen, ik zal u nu eens doen gevoelen, hoe die Itraffen fmaaken, of gij daar door leerdet, fchrik voor*de ftraffen der Overheid te krijgen.

Nooit moet men veel ftraffen, en vooral niet om allerlei beuzelingen; want dan worden de

kinderen te veel aan dezelve gewoon en

zij krijgen ook ligt een tegenzin in de Ouders, die dat doen.

Vooral is dit laatfte waar, als gij met drift kastijdt; wanneer de kinderen zien, dat wij hen in oploopenheid liaan, dan fchrijven zij het daar aan toe, en vergeeten het waare oogmerk ook zien zij daaruit eene ondeugd

in ons, die hen zo veel te meer van ons afkeerig maakt, om dat zij daar pijn door leiden.

De ftraffen moeten ingerigt worden, na den aart van het kind: een vriend van mij verhaalde , dat iemand, die naaderhand een braaf man is geworden, door geene goedheid of ftraffen te temmen was, tot dat men ten laatften uitvondt, om hem naar fchool te ftuuren, en dus ook over de ftraat te laaten gaan, met een grooten brief op zijn borst, waar in; met zeer duidelijke letteren, zijn misdaad gefchrevenwas; dit trof den ftoutert,en van dien lijd af, kon men hem regeeren , door hem te bedreigen met fchande

Gij begri pt nu voorder wel, mijne Leezers! dat de lfrafïer. of kastijdingen ook, na den ouderdom der kinderen, verfchillen moeten.

§. 10.

Tot een tiende raadgceving, hebbe ik dit Aa 4

Sluiten