Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 78 )

gehandeld zijn , dan welk fterveling gevoelt niet zijn onvermogen , en hoe noodzaaklijk hij de onderfteuning, den invloed des Boogllen nodig hebbe? Deeze zijn door het aanroepen van God te verkrijgen; hebt gij, mijn leezer! begeerte naar braafheid, fmeek dan op deeze of dergelijke wijze in het

GEBED.

Volzalig God ! ik gevoel mijne verplichting; om in alle oprechtheid voor uw aangezicht, om braaf, om deugdzaam, te wandelen; dan, de verleidingen zijn menigvuldig, om mij van uwe geboden aftetrekken, en om ondeugend te worden. Mijn waar belang is daar in gelegen , om naar uwe goedkeuring te jaagen , om mijnen naasten als mij zei ven te beminnen, om met hun zoo te handelen, als ik wensch dat zij met mij handelen; marr ik moet met fchaamte belijden ,. dat ik niet altijd zo oprecht, zo braaf, zo edel, met hun bandele, als ik wel behoorde te doen: gelijk in veelen mijner verplichtingen , zo fehiet ik ook in deeze verre te kort. Mijn tijdelijk belang verdooft dikwerf de ftcm van mijn geweeten , en maakt mij voor u fchuldig aan onwaarheid en bedrog. Hoe dikwerf verfpil ik den tijd , dien ik werkzaam of ten nutte van mijnen naasten had kunnen beiteeden! war ben ik zomtijds nalaatig in het vervullen mijner beloften. Hoe menigmaalen maak ik mij fchuldig aan lastering , door de daaden van anderen in een valsch licht te plaatfen, ©f door hunne onfchuldig belaagde eer niet te

Sluiten