Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 132 )

tigheid , die door de maatfehappij zeker bedoelt wordt, veel grooter wezen kan.

Ik zal dan den braaven man befchouwen in zijne voornaamfte omftandigheden, en daar in de kortheid en klaarheid zoo veel betrachten, als mij zal mogelijk zijn.

Een braaf man is een hoogfchatter van den Godsdienst, dien hij bcfchouwt als den noodzakelijken band van de menfchelijke famenle-

ving hij heeft den diepften eerbied voor

den Schepper aller dingen, welken hij vreest, als den ontzaglijken wreker der ongerechtigheden , en aanbidt als den mikldadigen beloner van alle christelijke deugden.

Op dezen grondflag rust zijn geheel gedrag — deze is de rigtfnoer van alle zijne handelingen, ten opzichte van zijnen evenmensen , in alle gelegenheden, waar in hij zich bevindt. Zijne ouders eerbiedigt hij , en derzelver

wil te gehoorzamen is zijn grootst genoegen •

alles, wat hun zoude kunnen hinderen of bedroeven , vermijdt hij zorgvuldig, terwijl hij niets onbeproefd laat, 't geen hij in Üaat oor. deelt, om hunne genoegens te vermeerderen, en hun geluk te vergrooten.

Altijd betoont hij zich dankbaar aan hun voor deonuitfpreekelijke moeite, die zij aan hem hefteed , de menigvuldige lasten en ongemakken , die zij van hem doorgeftaan, het taai geduld , die zij aan hem geoeffend hebben geduurende zijne kindfche jaren , alsmede voor de zorg en kosten , die zij in zijne jongelingfchap aan hem hebben befteed, om hem wel op te voeden en bekwaam te maaken in die weienfehappen, welke hem een genoegzaam beftaan

Sluiten