Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 32 )

zich voor de opgegeeven en andere beletfelen, die zijnen voorl'poed verhinderen, en hem eenen weg tot jammer en ellende baanen. Hij ftreeve naar vermaaken, die onfchuldig en onkostbaar zijn; de eerde moeten den toets van den Godsdienst, en de tweede dien van 't tijdelijk vermoogen kunnen doordaan : en kunnen zij dit, welaan, Handwerkslieden ! verlustigt u dan , in het goede, ^t u gefchonken wordt: want de aarde is volman de goedertierenheid des Heeren!

Dat Handwerkslieden verpligt zijn, deugdzaam werk te maaken , behoef ïk hier niet weder te herhaalen; dan, 't is hier de plaats, om, bij 't geen ik reeds bij een verdandige tijdsberekening heb opgegeeven, nogaantemerken, dat gelijk 'er een tijd tot arbeid is, 'er ook een is om te rusten, 't Is te vergeefs, vroeg op te daan, en laat te arbeiden zonder den zegen des Heeren. Men arbeide dan om te leeven, maar men leeve niet om te arbeiden. Even gelijk een Letteroefenaar, door te veel lezens en peinzens, de vermogens van zijnen ' geest- verdompt, even zo kan de Handwerksman door te lang aster één, door te aanhoudend, te werken, de kragten zijnes ligchaams uitputten , en dus ook hier door ontrouw tegen zich zeiven worden.

Handwerkslieden moeten hunnen eeuwigen wel/land ïn hunnen arbeid tragten - te bevorderen.

Wij menfchen leeven flechts hier een korten

tijd,

Sluiten