Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tj8 De Heiland verantwoord zich

xv. middel aanwenden om hen te bepaalen bij hun« ■ denk. "e boosheid , cu hun gelegenheid geeven omi tot nadenken te komen, daar het treffend ver-toog van zijne onfchuld hen alzins moest be-> fchamen. De overzetting der onzen, bij zijt gij, zo vraagt Jefus, of volgens Matth eus'. fielt Hij het bcvestigender wijze voor (*) : Gij' zijt uitgegaan als tegen eenen moordenaar, metzwaarden en [lokken, om mij te vangen.

Hoe onbillijk was het, dat men een weerloos mensch, met elf leerlingen bij zich, dus ging j vangen, als of Hij een hoofd der moordenaaren ware geweest?

Het Joodfche land was in dien tijd zeer on- • veilig, 't was vervuld met oproer en moord, , ftroperijen en moorderijen gefchiedden 'er dagelijks op de openbaare wegen. Akelige ge-

.iteldheid! Maar die evenwel zeker genoeg zelfs

uit de Hi Gefchiedenis blijkt (f). Hoe

was het oude Godsvolk zo verbasterd? —— Het verhaten van Gods wet, is de zekere oorzaak van zulk eene verwoesting: de leiders de- •

! zes- i

(*) Bij Matï heus en Markus ftaat in 't Griekse!» J lét zelfde ilV iéi ktifiv èfy\K$iTi.

Cf) Men vergelijke Matt'mn XXVII: 38. Lu/tas X: 30. ■en XX1I1: 19. Een breeder verflag daar van, vindt men 1 bij Flavius Josephu s, Joodfche Oorlogen.

Sluiten