Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En wordt van de zijnen verlaaten. 105

Hij geeft hun duidelijk te verftaan, hoe on-JJ.^ rechtvaardig zij handelden, zij wisten zeer wel, Dmk. dat Hij met geen' roover en moordenaar gelijk I {lellen ware. Hij brengt hun dit nader onder 'toog, wanneer Hij daar bijvoegt: Dage\Ujks was ik bij ulieden in den Tempel kerende, ] en gij hebt mij niet gegrepen. \ Hier uit blijkt, hoe onrechtvaardig en listig 1 zij te werk gingen , 't was de rechte tijd en i plaats geweest in den Tempel, als Hij leerde, om Hem daar te grijpen, zij hadden dan de belwijzen voor handen, zo Hij kwaad zaad ftrooidc: het volk moest hen dan prijzen, wegens hunne waakzaamheid voor den Godsdienst, ^n zij zouden alzins de rechtvaardigheid van hun) ne onderneeming aan 't licht gebragthebben. — 1 Dan nu zij list met geweld paaren, om Hem te vangen, Hem als den grootflen kwaaddoener" i behandelen; nu bleek het maar al "te klaar, hoe zeer zij,in hun eigen hart, van hunne booze oog: merken bewustheid droegen. J Hoe fchoon is deze verdediging van Jefus! — j Welk eene kragt van overreedendewelfprekend: heid,en onwederleglijk betoog flraalt 'er in deze weinige woorden door! I Geen wonder dat zij verftommen, zij weten niets waar mede zij zich verantwoorden zul* G 5 le «

Sluiten