Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tfh De Onschuld

XVJti. zelve is, ontkennen kunt gij niet, en als gif it PEss» zwijgt, kunnen wij dan wel anders , of wiji r: moeten U voor fchuldig houden ? ie;

Welk eene boosheid! De fnoode vcinsaa'rt, i die al lang te vooren geraaden had, om Jefus te dooden , die waarfchijnlijk zelf mede de l valfche getuigen had opgezogt en aangefpoord 3 i wil nu nog den fchijn van een rechtvaardig iki richter aanneemen , Hij wil niet minder dan dien grondregel van den voortreflijken Niko-i v pemus toonen te volgen, oordeelt ook onze wei yt den mensch, ten zij dat ze eerst van hem gehooru n Jieeft, en ver ft aai, wat hij doet (*_).

Dan, wat deed Jefus? Hij zweeg ftii I

le — Hij antwoordde niets.

Het voorftel van de Euangelisten is zo ingeJw richt, dat men, dunkt mij, daar vrijelijk uit \ kan befluiten, dat Jefus in dit zwijgen, alle; < gefproken heeft. i

Mij dunkt, onder dit zwijgen , ftraalde de j onfchuld van zijn gelaat, gerustheid tekcnds zich in zijne ganfche houding, zijne heldere oogen doorwandelden de ganfche vergadering: en wierpen op de meest fchuldigcn eencn ver ontwaardigenden , maar te gelijk medelijdeni

den blik, Terwijl Hij zweeg, fprak zeke:

hc

(*) Joh. VIII; 5J.

Sluiten