Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BESCHULDIGD EN MISHANDELD. 217

Hoe is 't mogelijk , dat zij dat eenvaardig XX. gelaat met hunnen zwadder durven bezoete- DEiNK>

ïen! - Dat gelaat, waar van de deftige

ftaatigheid, aanminnige zachtheid, inneemendt liefde, bekoorlijke goedheid, zo wel als diepdenkende wijsheid, zo kennelijk afflraalden, dat moest hunne oogen als met een' blikfemfchicht getroffen hebben. Hunne tongen hadden moeten verftijven, en zij vol fchrik voor Hem op de aarde zijn nedergevallcn.

Maar zij waren te zeer verft okt in boosheid, om dit op te merken, daarom voegden zij de eene mishandeling bij de andere , zij konden zich niet daarmede vergenoegen, dat zij 't gczegendfte aangezicht, dat ooit door de Zon bcfchenen is, door hun afzichtlijk fpeekfel bezwalkten, zij hebben daar bijtende en fchimpende woorden bijgevoegd, want zij befpotteden Hem.

Hij, die nog onlangs de verwondering van 't gemeen was, Hond nu als een ten dood verwczene in hunne handen. Hij, om wiens wille de lucht van Hofanna's weergalmd had , die zo vcelcn hulp had bewezen, ftond nu magteloos tonder hun gebied; hoe fcherp hebben zij Hem dit alles verweeten, en door fchimpend hooneh zijne aandoenlijke ziel op 't felst gepijnigd!

In dien ftaat bleef Hij aanhoudend 't voorin 5 werP

Sluiten