Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3aB De Wegvoering van Jesus

^XXIV. onmiddelijken invloed op zijne menschheid gew vzxz. oeffend? —■ Hij heeft, uit kragt van zijne God* heid, zeker den last van Gods toorn aan zijne menschheid gedraagen, dit belijde ik met on^ zen voortreflélijken Catechismus: doch dat die invloed niet geduurig, zo onmiddelijk werk-: zaamvvas, mag ik, dunkt mij, daar uit beflui-i ten, dat Hij door eenen engel is verfterkt ge-; worden, dat zijne menschheid met den HJ Geest is gezalfd gezalfd geworden, alsmede, dat bijaldien de invloed der almagt zo be-: ftendig onmiddelijk werkzaam was geweeft , het zwaarfte lijden, dat Hem aangedaan ïsl dan geen lijden zoude geweest zijn.

Dit kan ik veilig ftellen. — Zijne menschheid is onderfteund, zo dat die niet bezweefe onder alles wat dezelve moest doorftaan, waan toe geen bloote menfehenkragten genoegzaam f waren. —— Zijne menschheid heeft geduu-i rig in 't geloof van die waarheid verkeerd. -I Zijne menschheid heeft verwacht, dat zij uitJ het lijden gered, en met de hoogde heerlijk-] heid bekleed zou worden, daar mede troostte! zich Jefus in zijn gebed, dat Hij eene heerlijk- j heid zou hebben, welke Hij bij den Vader hadl eer de wereldwas (*), dat zijne menschheid!

dus |

(*) Jok. XVII: 5.

Sluiten