Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

46*4 Jesus, de leeraar dsr waarheid,

xxx. heid, men hoort derhalven met toeftemming^ 0w*f met geloof, men hoort, met gehoorzaame op* volging naar 't gene de ftem van Jefus zegt Hoe wonder vreemd klonk dit Pilatus in de ooren, daar Hij onderzoek deed naar 't voor geeven van eenen geheel anderen aart, naai een koningrijk, 't welk men voorgaf dat in breuk op des keizers rechten zoude kunnei maaken; nu hij enkel van een rijk der waar heid hoort fpreeken, vraagt hij wat is waafi] 'Tieid? * wat heb ik daar mede te doen? Daa.,

ove;

* 't Is niet noodig breed uittewijden in de verfchillel de opvauingen over deze vraag van Pilatus. Hij heei izekerlijk dit niet met een leeibegeeria bart gevraagd, I fus zou anders niet gezwegen , maar hem fpoedig e I vriendelijk onderricht gegeeven hebben. Er zijn ook ge« | -blijken dat Hij , als een twijfelaar, al (pottende d$ï \ vraag gedaan hebbe , de onmiddelijk hier op volgejl verklaaring van 'sHedands onfchuld toont genoeg, dat G deze zaak niets Binder dan fpottende bebandetde. Md kan danr uit ook gegrond befiuiten , dat de landvoogd j door het fpreeken van Jefus over de waarheid , op gl t zelve genomen, niet gramlloorig is geworden: maar II handelt hier als des keizers fladhouder, die ïich de God j' dknfiige gefchillen der Jooden niet aantrok , even < ; oallio, de (bJhourier vanAchrjen, naderhand zeidt I zo daar tenig ongelijk of kwaad ft uk [_begaan~\ ware ,' . Joden, zo zoude ik niet reden vlieden verdraagei;: mat.: indien er gefchil is over een woerd en namen, en [ove»|i dc wet, die order u is; zo zult gij zelve toezien, wart i ) wil over deze dingen geen richter zijn Hand. XVlH: 14, 1 |

Sluiten