Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C io )

flrekt ware; ze rnoesr de liefde tot allen — ook zelfs tot de vijanden influiten, om, als het waare middel van a'le zaligheden , aan het Godüjk oogmerk te beandwoorden, Deze liefde tot den naasten moest zich niet flegts in eenige bijzonderheden en verrigtingen, maar tot den geheelen mensch en over alle zijne daaden, uitftrekken — alles wat hij deedt , moest hij doen ter ecre Gods; en moest dus, uit het beginfel van algemeene en bijzondere menfchenliefde, voordvloeijen. De wet der liefde des Euangeliums

moest de waereld met God verzoenen

moest de verwijdering die 'er was, tusfehen het natuurlijk en zedelijk beginfel in den mensch, weder vereenigen ; den mensch zich zeiven gelijk maaken en zijne tweeërlei becinfels tot één punt doen famen werken. ï)e gemaakte behoeften, de vermenigvuldigde noodwendigheden dezes levens , moesten den zedelijken mensch niet langer aftrekken

van zijne verhevener beftemming. In het

midden der beflommeringen dezes levens , onder zo veele Ambagten, Kunften , Neeringen en Koophandel, die ieder oogenblik aanleiding konden geeven tot ongerechtigheid en

vijandfehap, moest hij regt handelen;

de rechten zijner vrijheid uitoefenen, zonder 7,'jn' naasten in dezelve te verhinderen of te ftooren. Deze oorfpronglijke volkomen verpligting, die, in den eenvoudigen ftaat der Natuur, gemakli.k konde uitgeoefend worden, was ten uiterften moeijelijk , in den toeftand der Maatfchappii , bij zo vermenigvuldigde betrekkingen, die de onvolkomen verpligtin-

Sluiten