Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

£ 20O )

To:ken,

Zijn gelijk de voorgaande zeer befmetlijk, lomtijds goedaartjg, maar dikwijls ten uit terden voor de kinderen gevaarlijk. - - Ziin dezelven gocdaartig dan loopen zij dus «rewoonhjk af: het kind wordt eerst 'braakachtig, lusteloos, verdrietig, fchijnt het kaarslicht met we! te kunnen verdraagen en heeft van tijd tot tijd vooral in den flaap die tevens meestal afgebroken is, ftuipen. Na verloop van drie of vier dagen openbaaien zichroode, kleme puistjens, doorgaans het eerst ip het aangezicht, en vervolgens over het ganlche ligchaarn, die allengskens in groote en getal toeneemen, maar echter van elkander afgefcheiden blijven, en eindelijk met etter gevuld, geel en rijp worden, terwijl de handen en vooral liet aangezicht, dikwijls, zeer gezwollen worden, het kind hierom de ooVen lomtijds niet meer kan openen, en blind wordt, — de huid tusfehen de pokken rood en ge pannen zich vertoont, en voorts alle roe* vallen, die m t begin zich opdeeden, zeer verminderd worden, ja dikwijls geheel ophouden, waarna dan ook reeds fpoedi^ de pokjens beginnen aftevallen, in dezelfde" orde-, ais z; uitgekomen zijn.

Gansch anders is bet met de kwaadaartgen gelegen; dezelve zijn, famenvloeiende, klein pat, hebben dikwijls een klein putjen of zwartftipjen in het midden,- dehuid tusfehen dezelve is bleek, de koorts en verdere toevallen houdco na de uitbottiiig niet op. - het kind is dikwijls ijlhoofdig, de borst wordt

dik-

Sluiten