Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 73 )

dezulken, die reeds hun geloof beleden hehben, waarin ieder gevraagd wordt, en ieder andwoordt, houde ik over het algemeen van veel meer nut- .

Over het bijzonder onderricht door den leeraar aan hen, die hunnen Godsdienst leeren, over het onderwijs der jeugd in den Godsdienst, wil ik nu nog wat breeder fpreken, om dat het mij tot het oogmerk der Maatfchapoij : Tot nut van 't Algemeen, met deeze haare vraag, zo bijzonder gefchikt voorkomt.

Het komt mij onbetaamehjk voor, dat een leeraar zich geheel en al ontrekt aan het onderricht der eerfte jeugd, en dit alleen aan de ouders of den fchoolmeester overlaat, vooral op zulke plaatfen daar hij vooronderftellen moet, dat hij dit zeer veel nuttiger voor de kinderen zou kunnen verrichten. En in het geheel mag het van buiten doen leeren van een of ander vraagenboek, het doen van eenige zo genoemde buitenvraagen daar over , eeuwig dezelfde , of de zulken, die de leerling in een ander Godgeleerd boekjen kan en moet opzoeken, bij mij den naam van Catechetisch onderricht in den Christelijken Godsdienst niet draagen. De leeraar moet zijne leerlingen onderrichten • in den Christelijken Godsdienst, de geloofs- en zedenleer, en wel, zo als die in het Kerkgenootfehap, waarin hij leeraar is, wordt uitgelegd.

Dan, hoe komt het toch, dat men zo veele zo genoemde kundige ledemaaten aantreft, die bijna niets weeten van het beloop E 5 des

Sluiten