Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 39 )

goede, even nuttige bezigheden, hunne vermogens befteeden , — met een gelijk vuur en ijver zich bevlijtigen; een verbaazend onderfcheid, ten deezen opzichte, heeft men opgemerkt tusfchen de bijzondere Volken der bekende waereld; zo dat de eene Natie zich even zeer kenmerkt door de , onder haar, heerfchende traagheid en vadzigheid , als de andere zich door nijverheid, door vlijt en vlugheid, onderfcheidde.

Te recht heeft men de oorzaak van dat verfchijnfel gezocht :

a. In het verfchil der luchtflreek; als kerende de ondervinding,door reden geleid,dat een Volk, het welk onder eene warme luchtflreek woont, naarmaate de warmte het lig— chaam vermoeit , afmat, en verzwakt , den arbeid fchuuwt; terwijl onder een gematigde lucht het land der nijverheid gevonden wordt. Gelijk ook

b. In de meêr of min vruchtbaare grond, waarop de Volken woonen. In plaatfen,waar de vruchtbaare natuur , voor weinig arbeid , overvloed van milde gaaven fchenkt,heeft de bewooner geene fteike aanfpooring tot een vlijtig , werkzaam leven , terwijl een ftiefmoederlijke grond , wien de vrugten, door arbeid eh zweet , als afgeperst moeten worden, eigenaartig 's menfchen geest fcherpt, en opleidt tot vlijt en nutte werkzaamheid. En

c. Hier bij komt vooral in aanmerking, de maate van behoeften , aan welke een Volk gebonden of gewend is. Eene Natie, welke, aan eene zeer eenvonwige leefwijze gewoon , haare, behoeften met een weinig raauwe , on-

C 4. ge-

Sluiten