Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C <fo )

vloed des beftuurs hier niet meêr zeggen: maar, ■de voorgeftelde orde volgende, de gefteldheid van elk beginfel na gaan; zullende zich dan de invloed van elke inrichting, op zijnen tijd, laaten merken.

1. Wat, vooreerst, aangaat; de opvoeding, der Jeugd, onder de minvermogenden; hoedanig is het daarmede gefield ?— Wij hebben gezien, hoe nuttig het ware , de jeugd van jongs aan tot eene geregelde werkzaamheid te gewennen, zoude zij ooit recht werkzaame leden der Maatfchappij worden; en nu lijdt het geen twijfel of 'er worden, onder dien Itand der minvermogenden veele braave ouders gevonden, die uit al bun vermogen hunne kinderen tot braave, ijverige menfchen te achten opteleiden; maar wie eenigzins bekend is met de gefchiedenis, en fchriften deezer dagen, weet zeker hoe veel 'er geklaagd en gefchreven is, over de jammerlijke verwaarlozing, en gebreken der opvoeding, in het gemeen, en bij den minvermogenden in het bijzonder, waarom ook overbodig zijn zoude over dat onderwerp hier veel te zeggen.

Eenige kinderen van dien ftand, worden behoorlijk opgeleid tot werkzaamheid; veelen worden ook van jongs aan wel tot arbeiden beftemd en befteld, maar, veelal, op eene wijze, die hen tot een volgend werkzaam leven , meêr de gefchiktheid, beneemt, dan verleent.

Door nood gedrongen , kunnen veele ouders hunne kinderen niet voeden, zonder dat de kinderen zeiven, zo fpoedig mooglijk, mede jets verdienen, 'er kan dus niet eens gedacht E 3 wor-

Sluiten