Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 9- )

verpligting mede; en het is, onzes oordeels, recht gefproken ! Zonder ons op te houden met een herfenfchirnmig maatfchaplijk verbond , volgt het naar ons inzien vrij eigenaartig,dat zij, die de voordeden eener Maatfchappij genieten , _ (en deeze goederen, bij voorbeeld, veiligheid en eigendom, genieten, althans in zekeren maate, alle burgers) insgelijks verpligt zijn tot heil des volks mede werkzaam te zijn; het welk dan voor den minvermogenden meest al zal uitloopen, op het vlijtig befteeden zijner vermogens, het naarftig beoefenen, van het voor hem gefchikte beroep; wijl, gewisfelijk, de welvaart van het algemeen zal rijzen, naarmaate elk in zfnen ftand ijvert. De ftaat zal bloeiën , naar maate 'er meerder nuttig werk verricht worde. Maar had men gewild, dat zulk een befef van burgerpligt invloed zoude hebben , op den ijver en naarftigheid des volks, hoe kon men dan een' zo dwaazen flap doen , van den eenen burger zo zeer te bevoorrechten, boven den anderen, gelijk men zulks om godsdienflige, ftaatkundige gevoelens, en onder andere voorwendfels gedaan, en dus het gevoel van algemeene burgerpligt maar al te veel verlamd heeft?

Terwijl een ieder flaêg werd vermaand, en aangefpoord, zich als een braaf burger te gedraagen, den ftaat, niet tot last, maar ten fteun te ftrekken , werd 'er geheel geene moeite hefteed, om de zo groote klasfe der minvermogenden, omtrent burgerpligt en algemeene welvaart eenig onderricht te geeven. Hen werd niet alleen geen licht gegeeven,

maar

Sluiten