Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

c m )

van waar heeft men dan deeze zonderlinge ontdekking gehaald ? wie heeft den chiromantist gezegd, of hij zijne waarzeggingen naar de rechte- of linkehand moet inric 1ten f

Even weinig verband is 'er tusfchen droomen en de gebeurenisfen, 'die daar uit voorfpeld worden. Droomen toch zijn natuurlijke uitiverkfels onzer verbeeldingskracht, dewelke de denkbeelden, die wij waakende gevorm 1 hebben, in den ■flaap herhaaldt, met eikanderen op eene willekeurige en fomtijds geheel niet famenhangende wijze verbindt, van eikanderen fcheidt of verandert,naar taaate bijkomende órnftandighelen zulks medebrengen. En gelijk nu niemand zal beweeren, dat onze lotgevallen afhangen van onze verbeelding wanneer wij waaken, en dus onze verbeelding door onse rede kunnen beftuuren, hoe veel minder kunnen dan deeze lotgevallen afhangen van onze verbeelding in den ilaip, waarin zij geheel willekeurig werkt? 'Er is dus geen verband tusfchen de harfenfchirttmen van eenen droom en onze toekomende lotgevallen (d). . Misfchien vraagt gij: „ Zoude 'er echter „ geen famenhang kunnen wezen tusfchen „ het huilen wan eenen hond of het- fchreeuwen

„ van

Zo iemand dit wijsgeerig wil behandeld aièn , die laeze de Verhandeling van j. c. henningS, over de Droomen en Slaapwandelaars. ILc het höogdültsch vertaald en te Amfterdam 1788 uitga, geeven.

Sluiten