Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Jongeling van Nain. 231

ftorven menschdora zal gekneld laten in de kluifters van den dood.

Gelovigen ! voor u is dit Ieerftuk een bron van den allerbesten troost. Komt, laten wij onsftil aan dezelve nederzetten, onze na troost fmagtende harten laaven , dan zullen wij getroost voomvandelen, in een land van droogte en brandende hitte. Wij weenen misfchien' ach ! onze godvrugtige Vaders, onze Moeders, onze Zoonen , onze Dogters, onze Vrienden

en Vriendinnen zijn heengegaan zij rusten

in het koele graf wij wilden ze met al het

geweld der vuurigfte liefde bij ons houden — maar ze zijn heengegaan —■ wij weenden bij

hun lijkbed, bij hun graf nog! nog zijn

bosch en veld, Zon en Maan dikwils getuigen van de bittere tranen, die wij ftorten over hun gemis. Christenen ! onze tranen zijn onfchuldig, God keurt ze goed, maar onze tranen moeten geen tranen van troosteloosheid, van bange hopeloosheid zijn, neen tranen van weemoed, ftille zagte , weemoed, gemengd met vreugd. Jefus Christus heeft doden opgewekt! Hij leeft! Hij komt om alle doden optewekken ! De bazuin zal flaan ! zijn | levengebiedend woord zal de geheele aarde, dat I wijde graf des menfchelijken geflagts, door! dringen !J Alle doden zullen hooren! verrijP 4 fen!

Sluiten