Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

omtrend de zondaars. 293

het herleeft, en giet onrust, kommer, angst, benauwend fidderen, fchrik, en vervarenis-

fen in uw hart het herleeft, en flraft u

dikwils over het verfmaden van desfelfs lesfen, door de angstvolfte voorfteilingen van den naderenden Rigter. O ! hoe bitter wordt dan het genot der zonde! hoe pijnigend is dan het

aandenken aan de vorige verblinding!

Durf ik niet vooronderftellen T. dat gij dit ondervonden hebt? Toen jammerde gij, toen weeklaagde gij, toen viel de last u te zwaar , of toen klaagde gij misfchien over de onbefcheidenhcid van uw geweten. Vervloekte klagt! dat zij in uwen boezem ware geflikt. Zoudt gij klagen over iets, dat weldaad,Goddelijke weldaad is ? Klagen, om dat God door uw geweten u roept tot bekeering ? Klagen over een blyk zijner toegenegen Liefde ? Klagen, om dat hij u tot hem, dien gij zoo fnood verlaten hebt, terug brengen wil? Schaam u zondaar ! over uwe verblinding — val neder — aanbid roep uit Heere! uwe Barmhartigheden zijn veele dank hem voor dit

angstgevoel volg zijne roepflem ach!

volg ze en bedenk, dat dit gevoel van

fchrik eenmaal uw Hel zal zijn, indien gij het niet gebruikt tot uwe bekeering.

Bij het geweten, dat, 't zij het ons tegenT 3 houdt

Sluiten