Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 4 3

behooren onder de vrijgeesten en opi-oerftichters. Ik meende, dat zij het welzijn van ons Land bedoelden; maar r.u zie ik — zij willen dee^en Staat in den grond helpen, en 't volk op hol brengen. Mij dunkt, als ik die vraag lees, dan is het, ais of zij vroegen: wat moeten wij doen , om onze Natie van haar Christendom, van haare onfchuld, van haare huifelijke vreugde, van haaien handel en welvaart te berooven, en te bevorderen dat zij in weelde , ongebondenheid en godlooshe d verzinke?

leergraag. We], mijn goede Buurman ! is het met u aan 't maaien'? gij zijt anders, in uw zoort, een verftandig man, maar nu gehed het fpoor bijiter. Als ik u zo hoor fpreeken , dan komt het mij voor, eev n als of gij ontevreeden zijt met den goed god, om dat Hij den wijnftok heelt v' t ebragt, wi 1 'ei menfcfïen zijn, die z:ch aan den wijn dronken drinken en verderven.

b u u g e r h. 1 ioe nu! dit is immers geheel iets anders ; dat de menfehen zich verderven d o den wi n, komt alken van het misbruik der goddelijke gaven: maar....

leergr.. Maar wat gij daar aan-

ftorids gezegd hebt, komt van het goed gebruik der verlichting, niet waar?

burger n. Van het goed gebruik?

leer.gr. Wel ja; want als men de verliehtingmisbruikt, dan wordt men zoals burgerhart, die zich eerlijk en braaf gedraagt, zijne huishouding verzorgt, een nuttig Lid is van den Staat, en de pligten vervult

Sluiten