Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( «2 )

Christendoms, behooren re zijn. Zelf de

kwaadwilligen zouden dan terug gehouden worden om hunne oogmerken rè vol oeren Want het: Oderum pcccarc mali-formiaine poenae; oderunt peccare boni - virtutis at nor e (de boozen mijden 'c kwaad uit vreeze voor de itrat — de goeden liaan van 't kwaad — uit lust naar hei goed doen, af) - zal daar bevestigd worden

VI. In de zesde plaats zal ik betoogen , dat de zeden des volks aanzienlijk winnen ;,, indien „ in het algemeen, de betrekkelijke pligten, „ als Eclitgenooten, Ouders en Hui-ver/.or»» Sets , grondig gekend worden.'

En is 'er iets, waarbij eene Maatfchappij, ten aanzien der zeden, veel belang heeft zo is het deeze kennis. Zij, immers „ is de bron van alle huizelijke gelukzaligheid , de grondilag van eene geregelde opvoeding der jeugd en de fteunpilaar van het waare welzijn eeuer huishouding.— Maar, helaas! hoe verre is bet 'er van daan , dat deeze kundigheden, ook maar oppervlakkig, laat ftaan grondig, te vinden zijn onder het gros des volks! Geheel onbekend met alles , wat daartoe behoort , gaat men, zo wel de rijke als de arme ,in den ftaat des Kchts. Door blinde dierlijke driften of door laage oogmerken gedreeven, geeven jonge lieden elkander de hand der trouw, niets_ medebrengende dan, des noods, ecnige

kennis van arbeid , of eenig vermogen.

Manne- , Vrouwe-. Vader-, Moeder-plig. ten, zijn niet eens in naam bekend; dat zal zich alles van zelf wel fchikken , — doch hoe? is door de ervarenis te jammerlijk be-

wee-

Sluiten