Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 4 )

EERSTE AFDEELING.

over de waard f. van den jj o Er£ns t and.

De Boerenftand, waarin gij genoren zijt, en waarfcfiijrilijk uw leven zult doorbrengen, is op verre na geen geringe ftand; neen: op zich zeiven is hij niet minder achting waardig dan alle andere ftairöen, en uit bijzondere oogpuntenbefchoud, ichijnthij alle anderente overtreffen. Want een Landman behoort tot gods voortreftelijkfte ichepfelen; zijn (tand is voor het menschdom volftrekt onontbeerlijk; zijn werk is in meer dan één opzicht aller opmerkzaamheid waardig, en *hij kan in zijnen itaud zeer aaiuienhjic worden.

i.

De Landman behoort tot gods voortreffelijk/Ie fchei>fden.

De menfehen zijn, zoo veel ons bekend is ra;st de Engelen, de voortreffelijkfte fchep' feien, die god heefr voordgebracht; en tot dat voortrefiijke fchepfelen-foort behoort de Landman , de geringlte daglooner zelfs, even op dezelfde wijze als een Koning.

De Boerenftand munt zelfs dikwijls boven de aanzienlijkften en riikiten der aarde uit in menfchelijke uitftekendheden. Over het algemeen vindt men onder den Boerenftand meer gezonde ligchamen, meer Iterkte van zenuwen,

meer

Sluiten