Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( '87 )

zeer onvveetende menfchen , bij toeval, een hoogen trap van voorfpoed bereiken ; maar zelden zal men bevinden, dat die aardfcbe

gelukftaat bij hen van duur is. VeelSt

flrekt zulk een onvoorziene voorfpoed tot hun wezentlijk ongeluk, tenware zij zo veel toegeeflijkheid hadden , om bij des kundigen raad te vraagen, en daarbij ook tevens in goede handen kwamen; waardoor ze geholpen wierden, om dien verkreegen zegen wel te bellieren.

Het is ook aan den anderen kant even bedenkelijk, te willen (lellen, dat alles, ten deezen opzichte , alleen van Gods zegen afhangt, en dat wij menfchen, met al ons verftand , met al ons overleg, niets kunnen- toebrengen, tot bevordering van onzen aardlchen voorfpoed : want , dit zo zjnde , dan hadden wij dat edel , dat goddelijk gefchenk , hetwelk ons van de redenlooze dieren onderfcheid, te ver-

geefsch ontvangen. Voeg hierbij, de

vermaaningen in de goddelijke Openbaaring, waarbij op de zorg voor ons tijdelijk beftaan voorwaardelijk wordt aangedrongen , gelijk paulus zich onder anderen uitdrukt: die niet werkt, zal ook niet eeten.

Hieruit volgt dan , dat wij onze verftandelijke vermogens, welke God in ons gelegd heeft, door nutte kundigheden moeten trachten uittebreiden, ten einde daardoor als goede huisvaders , als nuttige burgers , en als oprechte christenen in de Maatfchappij te verkeeren. Dit maakt ons tijdelijk en eeuwig welzijn uit; dit alleen is in ftaat het genoegen van ons leven te bevorderen; dit verzeN 3 kert

Sluiten