Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C *°4 )

aan die heilzaame Maatfchappij te danken, welke voornamelijk op het oog heeft, den gemeenen en onkundigen burger te verlichten, om daardoor zijn aardsch en eeuwig geluk te

bewerken. Dit doel heeft zij bereikt ;

immers heb ik de gezegende vruchten van haaren arbeid genootcn , en ik reekene het van mijnen plicht, haar daarvoor te danken, en de naamen van die mepfchen • vrienden met lof aan mijne Medeburgeren bekend te maaken.

Ziet daar, veel geachte Hoorers en Hooreresfen, naar mijn vermogen, en zo veel het de kortheid des tijds gedoogde, aangetoond , welke zegeningen, door onze gemeenfehappchjke poogingen, de geringe burger, en met hem, de algemeene zamenleving te wachten hebbe. Mogten wij zo gelukkig zijn, de eer delingen van onzen arbeid te zien aanrijpen! Dan deeze wensch zal misfehien eerst bü het opkomende gedacht vervuld worden. Ondertusfchenmoet het ons toch tot een dreelend genoegen drekken, wanneer wij overweegen, dat wij den grond hebben helpen leggen, om onzen ongeoefenden medeburger in kennis te doen toeneemen, op dat hij in ftaat gedeld worde, niet flegts de belangen van zijn aardsch geluk, maar ook die van zijn eeuwig heil te kunnen bevorderen.

En welk een dreelende aandoening moet «He eerwaardige Grijsaard , de dichter van deeze onze Maatfchappij , niet in zijne ziele gewaar worden, wanneer hij deeze plechtige, deeze talrijke Vergadering befchouwt, wier leden alleen, voor 't Algemeene Nut , ijverig

werkzaam zijn! " Gewisfelijk verheft

zich

Sluiten