Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 59 )

te laat bemerkende, mort hij, dikwijls,onbezonnen tegen zijnen maaker; meermaals wordt hij dok door kortzichtige en vermetele natuureenooten aan het onvernuftig vee gelijk gefield, en dervend verwisfeit hij een leven, waar van hij naauwlijks eemg genot had, met eene geheel onbekende toekomst.

Ach, hoe ongelukkig is zulk een mensch! Hoe weinig wordt de Maatfchappij door zijn aanweezen bevoordeeld 1 Hij ontrooft h.ar zelfs meinigwerf eene talrijke, doch verwaarloosde nakomelingfchap. Eene Natie , bij dewelke zulke Leden te veel de overhand hebben, moet noodwendig ten gronde gaan.

Door Naarftigheid alleen kunnen allen deeze onheilen geweerd of voorgekomen worden. Zij drijft den mensch, in eiken tijdkring van zijn leven, tot eene onvermoeide werkzaamheid aan , en leert hem van zijne vermogens, in alle gevallen,het best moogelijk gebruik maaken; zij bekoort bet kind reeds, vooral bij zijne verlustingen, en bevordert, langs dien ■weg, zelfs in 's menfchen vroegste levensperk , de ontwikkeling en volmaaking van zijne ziels- en ligchaams- bekwaamheden in zeer veele gevallen. Tijdig brengt zij s menfchen geneigdheid en aanleg tot zeker aardsch bedrijf aan den dag ; geduurig herhaalde , zomwijle mislukkende , dikwijls ook welllaagende proeven wijzen ,reedsin tijds, den kring tan, waar in de jongeling en volwasfen waereld-burger zich, met den meesten voorfpoed en het meest gemak,beweegen zullen, en men mag veilig vast Hellen, dat onoplettenheid ot misreekening der ouderen, omtrent dit aange-

Sluiten