Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( »4)

het onwaardeerbaarst bboedmiddel tegen de verfcbrikkinaen der Eeuwigheid. Haar beoefenende , behoeven wij, bij alles, wat ons aan ons toekomftig lot" herrinneren kan, onzen geest niet te verftrooiën, ol' tot verdoovende vermaaken onze toevlugt te neemen; berustende in den üoddelijken wil omtrent den tijd en de wijze van onze te rechlftelling, denken wij méérmaals aan dat bcflisfchcnd oogenblik» deszells voorftellingen worden hier door minder treurig, zelfs aangenaam en hart bekftorend, naar maate wij onze poogingen, om. wijs en deugdzaam te zijn, gelukkiger zien uitvallen; allengs wordt dit denkbeeld ons gemeenzaam , en , terwijl het onzen ijver vermeerdert, vermeerdert het tevens onze vreugd en ons vertrouwen. Eindelijk breekt het lang verwagte tijdftip aan, en wij fluimeren zachtelijk in; onze laatste woorden zijn, misfchien, die van het groote voorbeeld der Naarftigheid: Vader ! in uwe handen beveefe ik mijnen geest. (*)

5. Allen ftaan wij, ten laatsten, voor Christenen te boek. (Dit althans vooronderftelle ik van hun, die dit gefchrift zullen onder het ooge krijgen) Tot die onwaardeerbaare fchriften,welken wij Gods openbaaring beeten, en als een Hemelsch onderwijs van waarheid en pligt eerbiedigen, hebben wij allen eenen vrijen toegang; deszelfs leeringen en voorfchriften zijn voor ons v n eene verbindende krachr, en wij verbeuren den naam van Christenen, zo ras onze gevoelens en handelingen met derzelver inhoud onbeltaanbaar zijn.

(*j Luk. XXIII: 46".

Sluiten