Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 159 )

Een naarftig Meisjen. Een Dienstknecht. Een Ambachtsman. Een Landman. Een Veeman. Een Winkelier. Een Koopman.

Beginnen wij met den naarftigen Huisvader. Slaat uwe oogen op hem, en gij zult bevinden, dat zijne geheel hart geftemd is, om zich zeiven, zijne gade en kroost, gelukkig te maaken. Met bedaardheid , zorge en nauwkeurigheid , bereekent hij eiken morgenftond, en, is het noodig, op eenen voorigen dag, wat hem, wat zijne huisgenooten te verrichten ftaat. De orde, op welke hij zeer gezet is, en die hij zichzelven aanprijst, fchrijft hij ook zijne kinderen, zelfs in hun leeren en fpelen, en aan alle de zijnen voor. Als hoofd des huizes , als de ziel van zijn gezin , beveelt hij hen allen hunne pligten ijverig te betrachten, en is op hen naauwlettende. Hij, in alles de voorganger in zijn huis, om zijn voordeel, eere en achting, te bevorderen , is dit vooral in oprechtheid, eerlijkheid, getrouwheid, fpaarzaamheid en Naarftigheid. In zijn voorbeeld kunnen zich allen fpiegelen. Hij bepaalt, zo veel doenlijk zij, den tijd tot werken, tot het gebruik van onderhoud, ruste en uitfpanning. Dan, hoe fterk op orde gezet, weet hij echter, als een verftandige, tijd en wijze. De Nederlandfche fpreekwoorden : men moet het ijzer fmeden, terwijl het heet is : ~ na gedaan werk is

goed

Sluiten