Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( i8a)

'sLands bloei en welvaart te bevorderen. Toen was Nederland een vrije Haat; oe Regenten waren Medeburgers , en deels zeiven Kooplieden. De handel werd niet onmaatig bezwaard; de Zeevaart werd bevoorrecht en befchermd; de invloed der regeering werkte tot algemeen welzijn; alles maakte het Land groot, en gelukkig.

Dan, Nederland dus ten top van grootheid geklommen , heeft , voornaameiijk door het verlaaten van de voorouderlijke deugden , der eenvouwigheid , foberheid, fpaarzaamheid, getrouwheid en werkzaamheid, daar van allengs verloren. Het misbruik en het verkeerd gebruik van den rijkdom, de invoering der weelde, het toeneemen der ongodsdienftig* heid en zedenloosheid, alle andere oorzaken van 's Lands verval, of van den tegenwoordigen laagen ftaat onzer natie, af te fchetfen, behoord, mijns achtens, tot mijne taak niet, welke zich moet bepaalen om den invloed der Naarftigheid op 't welzijn onzer Maatfchappij, ten nutte van u, mijne minvermogende medeburgers ! te toonen, waar toe ik mij verder zal bepaalen. (*)

Ik

(*) Elk die begeerig is over liet reeds gezegde, in dit Hoofddeel, meêr te leezen, kan voldoening vinden , behalven in de Nederlandfche Geichiedenisfen, in de bekroonde Prijsverhandeling, uiigegceven door de Maatfchappij: Tot nut van 't Algemeen , Over de Land-eigene goede en kwaaie zeden der Nederlanders, van den naauwkeurigen d. van hinlopen; als mede in twee Verhandelingen door hem zelve uitgegeeven, Over de zeden der Nederlanders; als ook in 't werk van den geleerden v.

VAN

Sluiten