Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

4 AAN MYNEN GEEST;

Wat heb ik menigwerf, gantsch flaapeloos, den nacht, 6 Al te vlugge Geest! verdrietig doorgebragtj Wat zag ik menigwerf het fcheemren van den morgen , Toen 'k nog geen denkbeeld had van kwellingen of zorgen! Gy, gy zyc de oorzaak, ik herhaal het, gy alleen Zyt de eenigfte oorzaak van all' myn verdrietlykheên: Heb ikj door u, elk uur,dat ik wist uittefpaaren, Niet leerende verfpild? zyn niet myn liefilejaaren, (En zelden waart gy nog van mynen vlyt voldaan,) Veel meer al leezend, dan al fpeelend my ontgaan ? Ontbeet ik zonder boek? heb ik by 't middagëeten, r„Heb ik by 't avondbrood wel ooit myn boek vergeeten? Leerde ik de lesfen die myn Broer leerde, in 't Latyn , Niet even ghd als hy? al heeft dit weinig fchyn : •t Is'waar, 'k verftond die niet; (nu, dat was ligt' te leeren;) Kon ik zyn' Gratias niet potzig reciteeren ?

Zo beulde gy my af, hoe fpeelziek ik ook was: Nu zal 't 'er alles uit; 't komt nu in 't rym te pas 'k Was naauwlyks dertien, en reeds een Theologantje:

Dat

Sluiten